7 tips voor fijne oudergesprekken

Oudergesprekken zijn altijd een belangrijk, interessant, maar ook tijdrovend en intensief moment van je werk. De ene ouder vertrouwt blind op jou en is positief, de ander is (terecht of onterecht) kritisch en stelt veel vragen. Weer een ander is boos of ontevreden. Met al deze mensen moet jij omgaan. Je moet ze van de juiste informatie voorzien over hun kind en ervoor zorgen dat ze tevreden naar buiten lopen. En dat vaak binnen 10 of 15 minuten.
Hoe zorg je ervoor dat een oudergesprek goed verloopt en waar kun je rekening mee houden? 

Foto door Priscilla Du Preez 

1. Bedenk goed hoe je de tafels en stoelen neerzet. Tegenover iemand zitten creëert afstand. Dit kan goed zijn als je een boze (of agressieve) ouder verwacht, maar wil je voor meer verbondenheid gaan, zet dan de stoelen in een hoekvorm neer, zodat je schuin naast de ouders zit. Op die manier kan je makkelijker dingen laten zien en voelt het voor de ouders warm en vertrouwder aan.  
Tip: Verwacht je dat een ouder voor problemen kan zorgen? Plaats jouw stoel dan bij de deur en de ouder tegenover je met de tafel ertussen, zodat je direct weg kan lopen als er mis mocht gaan. Bovendien raden we in ernstige gevallen altijd aan om een collega mee te vragen als ondersteuner.

2. Begin met iets positiefs. Start het gesprek door een positief aspect van de leerling te benoemen. Dit kan gaan over zijn of haar inzet, houding, of een specifieke prestatie. Dit helpt ouders zich op hun gemak te voelen en zet een goede toon voor het gesprek. Door op een positieve manier te starten, creëer je een open sfeer en laat je zien dat je hun kind waardeert.

3. Luister actief en stel open vragen. Ouders willen zich gehoord en begrepen voelen, dus neem de tijd om goed te luisteren. Stel vragen die hen uitnodigen om hun perspectief te delen. Vragen zoals “Hoe ervaart uw kind deze periode?” of “Wat vindt u belangrijk voor uw kind op school?” geven ouders de ruimte om hun zorgen, verwachtingen en inzichten te delen. Actief luisteren bevordert begrip en vertrouwen. 

4. Communiceer duidelijk en praat niet -of zo min mogelijk- in vaktermen of afkortingen. Veel termen en methoden die in het onderwijs gebruikt worden, zijn niet altijd duidelijk voor ouders. Probeer uitleg simpel te houden, zodat ouders goed begrijpen wat je bedoelt en zich niet overweldigd voelen door onderwijsjargon. Je kunt af en toe vragen of alles duidelijk is of of er nog vragen zijn, zodat je zeker weet dat jullie op dezelfde golflengte zitten. 

5. Hou het bij de feiten. Zeg niet dat hun kind het niet goed doet, niet gemotiveerd is, of vervelend gedrag vertoont, maar benoem het zichtbare gedrag. Benoem bijvoorbeeld dat je ziet dat de cijfers omlaag zijn gegaan, dat hun kind regelmatig door je les heen praat, te laat is, of juist altijd goed het huiswerk maakt en actief mee doet tijdens de les. Op die manier voorkom je discussie of miscommunicatie. 

6. Toon begrip en empathie voor de thuissituatie. Gezinnen hebben elk een unieke situatie, en die kan invloed hebben op de schoolervaring van hun kind. Door begrip te tonen voor hun situatie – of dit nu over werk, gezinsdynamiek, of culturele achtergrond gaat – geef je ouders het gevoel dat je hen als mens waardeert. Dit kan ook betekenen dat je een oplossing zoekt die past bij hun specifieke omstandigheden. 

7. Sluit het gesprek af concrete acties of vervolgstappen. Eindig het gesprek met een heldere actie of plan. Dit kan een afspraak zijn om de voortgang te bespreken, een specifieke taak die de leerling moet uitvoeren, of een strategie die zowel thuis als op school ingezet kan worden. Door een concreet eindpunt af te spreken, voelen ouders zich betrokken en duidelijk over hoe zij en hun kind ondersteund worden. 

Deze tips helpen om oudergesprekken positief en constructief te laten verlopen, met een goede basis van vertrouwen en duidelijke communicatie. En bedenk goed dat jij de expert en professional bent, Het gaat over jouw vak, over wat jij ziet en hoort. Daarnaast wil jij het beste voor hun kind en willen de ouders dit ook. Jullie doel is hetzelfde en zolang dit voor beiden duidelijk is, zal het een fijn gesprek worden. 

Vorige
Vorige

Differentiëren in het klaslokaal

Volgende
Volgende

10 leuke en leerzame onderwijsfilms